OM Aruba: ministers kunnen worden onderzocht zonder toestemming van het Hof

ORANJESTAD – Ministers en Statenleden op Aruba kunnen net als andere burgers onderwerp worden van een strafrechtelijk onderzoek. Politie en Landsrecherche hebben daarvoor geen voorafgaande toestemming nodig van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Voor de daadwerkelijke vervolging van een minister of parlementariër wegens een ambtsdelict is die toestemming wel vereist. Dat benadrukt het Openbaar Ministerie (OM) Aruba in een donderdag gepubliceerd persbericht.
Volgens het OM bestaat er regelmatig onduidelijkheid over de vraag of voor politieke gezagsdragers andere strafrechtelijke regels gelden dan voor gewone burgers. Het uitgangspunt is dat niemand boven de wet staat, ook ministers en Statenleden niet.
Een opsporingsonderzoek kan beginnen zodra er een verdenking bestaat dat iemand een strafbaar feit heeft gepleegd. De politie of Landsrecherche mag dan informatie verzamelen, getuigen horen en naar bewijsmateriaal zoeken. Het onderzoek staat onder leiding van het Openbaar Ministerie.
Voor ingrijpende opsporingsmiddelen, zoals het afluisteren van telefoongesprekken of het doorzoeken van een woning, is toestemming van de rechter-commissaris nodig.
Bijzondere bescherming
Sinds 1 april 2024 geldt op Aruba artikel 476 van het Wetboek van Strafvordering. Daarin is bepaald dat het Openbaar Ministerie een minister of Statenlid niet zonder voorafgaande machtiging van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie mag dagvaarden voor een ambtsdelict.
Het gaat daarbij om strafbare feiten die verband houden met de uitoefening van een publieke functie.
Volgens het OM is deze extra waarborg bedoeld om te voorkomen dat strafrechtelijke vervolging wordt ingezet als politiek machtsmiddel. Maar de regeling verhindert niet dat politie en justitie onderzoek doen naar mogelijke strafbare feiten.
Verschil met Nederland
De Arubaanse regeling verschilt van die in Nederland. Daar worden ministers en parlementariërs voor ambtsdelicten uitsluitend berecht door de Hoge Raad. Tegen een dergelijke uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Op Aruba geldt in beginsel de normale strafrechtelijke procedure. Een minister of Statenlid kan na een uitspraak van het Gerecht in Eerste Aanleg in hoger beroep gaan bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie en vervolgens in cassatie bij de Hoge Raad.
Het OM verwijst naar het Nederlandse rapport Niet boven maar in de wet, waarin wordt aanbevolen om ook in Nederland de gewone strafrechtelijke procedure voor ambtsdelicten mogelijk te maken.
Geen concrete zaak genoemd
Het Openbaar Ministerie noemt in zijn persbericht geen concrete strafzaak tegen een minister of Statenlid. Ook wordt niet duidelijk gemaakt waarom juist nu wordt besloten de regels voor strafrechtelijk onderzoek en vervolging van politieke gezagsdragers toe te lichten.
Het OM benadrukt dat de wettelijke bescherming van vrijheid en privacy voor iedereen geldt. Een strafrechtelijk onderzoek mag daarom niet willekeurig worden begonnen, maar moet zijn gebaseerd op een verdenking van een strafbaar feit.




























