Ondernemer Aruba moest zeven maanden wachten op vergunningen voor horecazaak

ORANJESTAD – Kleine ondernemers op Aruba worden financieel benadeeld door langdurige vergunningprocedures. Voormalig televisiejournalist Tessa Pietersz moest zeven maanden wachten op de vergunningen voor haar nieuwe horecazaak in het centrum van Oranjestad. Ondertussen liepen de huur en andere vaste lasten door, zonder dat zij inkomsten kon genereren. In een interview met Bon Dia Aruba waarschuwt zij dat dergelijke vertragingen vooral beginnende ondernemers treffen.
Pietersz is de oprichter van Drunk’s Denial en Petit Plaisir, twee horecaconcepten die zij inmiddels heeft samengebracht in een zaak in het centrum van Oranjestad. De overstap naar het ondernemerschap maakte zij tijdens de coronapandemie, nadat zij jarenlang in de televisiewereld had gewerkt.
Tijdens de lockdown begon zij te experimenteren met eigen recepten voor bijzondere taarten en desserts. Daarbij kwam haar opleiding in de scheikunde goed van pas. Het concept Drunk’s Denial bleek succesvol en trok vooral toeristen. Sommigen informeerden zelfs naar mogelijkheden om het concept als franchise uit te breiden.
Zeven maanden wachten
Bij de uitbreiding van haar onderneming liep Pietersz tegen de Arubaanse vergunningprocedures aan. Het verkrijgen van alle benodigde toestemmingen duurde volgens haar zeven maanden.
Het probleem is volgens Pietersz dat ondernemers al over een volledig ingericht bedrijfspand moeten beschikken voordat zij de vergunningen kunnen krijgen. Daardoor moeten zij huur betalen en andere investeringen doen, terwijl zij nog geen klanten mogen ontvangen.
“Stel je voor dat ze verwachten dat je zeven maanden huur kunt betalen en werknemers kunt betalen zonder dat je open mag en inkomsten kunt genereren”, zegt Pietersz tegen Bon Dia Aruba.
Volgens haar beschikken veel kleine ondernemers niet over voldoende financiële reserves om zulke lange periodes te overbruggen. Zelf kon zij rekenen op begrip van leveranciers met wie zij al jarenlang een zakelijke relatie had.
Alleen grote bedrijven
Pietersz vreest dat de bestaande procedures vooral grotere ondernemingen bevoordelen. Die beschikken doorgaans over meer financiële middelen om maandenlange vertragingen op te vangen.
Beginnende ondernemers starten daardoor volgens haar al met een financiële achterstand, nog voordat zij hun eerste klant hebben ontvangen.
Zij pleit voor een andere aanpak waarbij de overheid kleine ondernemers stimuleert zonder extra administratieve en financiële lasten op te leggen.
Volgens Pietersz kunnen ondernemers in de horeca bovendien niet zomaar beginnen met het plaatsen van tafels en stoelen zolang de benodigde vergunningen ontbreken. Wie toch opent, riskeert een boete.
Gebrek aan financiële kennis
Naast de vergunningprocedures ziet Pietersz een ander probleem voor het ondernemerschap op Aruba. Volgens haar besteedt het onderwijs onvoldoende aandacht aan financiële vaardigheden en het opzetten van een eigen bedrijf.
Vooral vrouwen zouden daardoor onvoldoende worden voorbereid op financiële zelfstandigheid en de uitdagingen van het ondernemerschap.
Pietersz vindt dat financiële kennis een veel grotere plaats moet krijgen binnen het onderwijs, zodat meer mensen de mogelijkheid krijgen een eigen onderneming te beginnen.
Nieuw leven in Oranjestad
Met haar nieuwe zaak hoopt Pietersz ook bij te dragen aan het herstel van de binnenstad van Oranjestad. Haar eerdere vestigingen trokken vooral toeristen, maar zij wil nadrukkelijk ook de lokale bevolking bereiken.
Volgens haar moet een onderneming niet uitsluitend afhankelijk zijn van toeristische bestedingen. Een vaste klantenkring onder Arubaanse inwoners is minstens zo belangrijk voor een duurzaam bedrijf.
Zij ziet haar onderneming als onderdeel van een groeiende groep vrouwelijke ondernemers die elkaar kunnen versterken in plaats van uitsluitend met elkaar te concurreren.




























