Aruba zet in op slimme landbouw, maar blijft voor ruim 93 procent afhankelijk van voedselimport

· - leestijd 1 minuut
Freezone bij de haven van Barcadera
Freezone bij de haven van Barcadera

ORANJESTAD – Aruba beschikt binnen de Caribische eilanden van het Koninkrijk over een opvallend gespecialiseerde landbouwsector. Vooral de productie van eieren, hydroponische bladgroenten en champignons zorgt voor relatief hoge lokale opbrengsten.

Toch blijft het eiland voor meer dan 93 procent afhankelijk van voedselimport. Dat blijkt uit een nieuwe nulmeting naar lokale voedselproductie in de Nederlandse Cariben.

Volgens de studie bedraagt de totale zelfvoorzieningsgraad van Aruba 6,57 procent. Daarmee scoort het eiland lager dan Curaçao en Bonaire, maar hoger dan Saba en Sint Maarten.

Bevolking en toerisme

De onderzoekers verklaren dat relatief lage percentage vooral door de enorme voedselvraag op Aruba. Het eiland combineert een hoge bevolkingsdichtheid met een grote toeristische sector, waardoor de consumptie veel hoger ligt dan de lokale productiecapaciteit.

Tegelijk laat het rapport zien dat Aruba in specifieke productgroepen juist opvallend sterk scoort. Vooral champignons springen eruit: bijna 90 procent van de consumptie wordt lokaal geproduceerd. Ook eieren vormen een belangrijke lokale pijler met een zelfvoorzieningsgraad van ruim 40 procent.

Bij groenten speelt vooral hydroponische teelt een grote rol. De productie van sla en bladgroenten haalt een lokale dekking van ruim 21 procent. Volgens de onderzoekers laat Aruba daarmee zien hoe moderne, intensieve landbouwmethoden op kleine schaal toch relatief hoge opbrengsten kunnen realiseren.

De studie beschrijft Aruba daarom als een eiland van “selectieve specialisaties”: enkele productgroepen hebben een stevige lokale basis, terwijl het totale voedselsysteem sterk importgedreven blijft.

Wat ergeproduceerd wordt op Aruba zelf
Wat ergeproduceerd wordt op Aruba zelf

Fysiek kleine landbouwsector

Ook op Aruba blijkt de landbouwsector fysiek zeer klein. Volgens de onderzoekers wordt naar schatting ongeveer 34 hectare gebruikt voor voedselproductie. Dat is ongeveer 340.000 vierkante meter, slechts 0,19 procent van het totale eilandoppervlak van circa 180 vierkante kilometer.

Toch probeert Aruba die beperkte ruimte intensiever te benutten. De studie wijst onder meer op de ontwikkeling van het Agri-Innovation Park, waar wordt ingezet op kasgroenten, hydroponics en verdere professionalisering van de sector. Daarbij gaat het volgens het rapport niet alleen om productie, maar ook om kennisontwikkeling en opleiding.

Volgens de onderzoekers maakt juist die technologische benadering het mogelijk om op kleine schaal toch betekenisvolle volumes te produceren. Daar staat tegenover dat zulke systemen sterk afhankelijk zijn van energie, irrigatie en technische infrastructuur.

Kwetsbaar

Het rapport laat ook zien hoe kwetsbaar Aruba ondanks zijn relatief sterke retailstructuur blijft voor verstoringen in de internationale logistiek. De voedselvoorziening draait grotendeels op een beperkt aantal importeurs, distributiebedrijven en logistieke knooppunten. Problemen in havens, koelketens of transportverbindingen kunnen daardoor snel effect hebben op supermarkten en horeca.

De onderzoekers noemen Aruba logistiek wel iets robuuster dan kleinere eilanden zoals Bonaire en Saba, omdat meerdere aanvoerroutes beschikbaar zijn via zee- en luchttransport. Toch blijft het systeem sterk afhankelijk van frequente importstromen.

Dat blijkt ook uit de berekening van de voedselvoorraden. Voor groenten heeft Aruba gemiddeld minder dan twee dagen voorraad beschikbaar wanneer de import zou stilvallen. Voor fruit ligt dat op iets meer dan twee dagen. Alleen eieren vormen dankzij de lokale productie een grotere buffer van bijna zeven dagen.


538 keer gelezen

Deel dit artikel: