Curaçao zelfvoorzienender dan Aruba en Bonaire, maar nog altijd sterk afhankelijk van voedselimport

WILLEMSTAD – De afhankelijkheid van voedselimport verschilt sterk per eiland in het Caribisch deel van het Koninkrijk. Waar Sint Maarten vrijwel volledig afhankelijk is van buitenlandse aanvoer, produceert Curaçao relatief het meeste voedsel van de ABC-eilanden zelf.
Toch blijft ook Curaçao voor ruim 91 procent afhankelijk van import. Dat blijkt uit een nieuwe nulmeting van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties naar lokale voedselproductie.
Volgens het onderzoek heeft Sint Maarten met een importafhankelijkheid van 99,28 procent de kwetsbaarste voedselpositie van alle zes eilanden. De zelfvoorzieningsgraad bedraagt daar slechts 0,72 procent. De onderzoekers verklaren dat vooral door de beperkte beschikbare ruimte, de sterke focus op toerisme en de afhankelijkheid van aanvoer via internationale handelsroutes.
Saba en Sint Eustatius
Ook Saba en Sint Eustatius zijn sterk afhankelijk van externe bevoorrading, maar om verschillende redenen. Saba heeft een zelfvoorzieningsgraad van 4,62 procent, terwijl Sint Eustatius met 13,88 procent juist het hoogste aandeel lokale productie heeft.
Volgens het rapport speelt schaalgrootte daarbij een belangrijke rol. Sint Eustatius heeft relatief meer ruimte voor landbouw en veeteelt, terwijl Saba door het bergachtige landschap en de beperkte infrastructuur nauwelijks grootschalige productie kan ontwikkelen.
Curaçao
Voor Curaçao komt de zelfvoorzieningsgraad uit op 8,78 procent. Daarmee scoort het eiland hoger dan Aruba (6,57 procent) en Bonaire (8,25 procent). De onderzoekers schrijven dat verschil vooral toe aan de grotere schaal van Curaçao, de aanwezigheid van meer commerciële landbouwbedrijven en de opkomst van hydroponische landbouw, waarbij groenten op water worden geteeld.
De verschillen tussen de eilanden hangen volgens de onderzoekers samen met meerdere factoren tegelijk: beschikbare landbouwgrond, toegang tot water, schaal van de economie, logistieke verbindingen en de rol van toerisme.
Vooral toerisme verhoogt de voedselvraag sterk, terwijl de eilanden tegelijkertijd weinig ruimte hebben om die extra vraag lokaal op te vangen.
Bevoorrading
Daarnaast verschilt ook de kwetsbaarheid van de bevoorradingsketens. Curaçao scoort volgens het rapport relatief gunstig doordat het eiland beschikt over een grotere supermarktstructuur en minder afhankelijk is van één enkele aanvoerroute.
Saba en Sint Eustatius zijn juist sterk afhankelijk van bevoorrading via Sint Maarten. Een verstoring in die route werkt daardoor direct door in de voedselvoorziening.



























