Tromp ziet veroordeling Oduber als rehabilitatie na jarenlange beschuldigingen

· - leestijd 2 minuten
Afbeelding

ORANJESTAD – Oud-minister Marisol Tromp ziet de veroordeling van Otmar Oduber in hoger beroep als bevestiging dat haar aangifte tegen hem niet vals was. Tromp zegt dat Oduber haar zes jaar lang publiekelijk heeft beschuldigd van het indienen van een valse aangifte. Na de veroordeling van Oduber tot twee jaar cel vraagt zij nu: „Wie staat er vandaag in de vuurlinie?”

Tromp reageerde donderdagavond op Facebook, enkele uren nadat het Gemeenschappelijk Hof van Justitie uitspraak had gedaan in de zaak-Flamingo. Het Hof veroordeelde Oduber in hoger beroep voor meerdere strafbare feiten die samenhangen met zijn periode als minister tussen 2017 en 2019. Niet alle beschuldigingen werden bewezen. De opgelegde gevangenisstraf van twee jaar is wel zwaarder dan de straf in eerste aanleg.

Volgens Tromp heeft Oduber de afgelopen jaren in interviews het beeld neergezet dat zij verantwoordelijk was voor een ongefundeerde strafzaak tegen hem. „Dit vonnis bevestigt dat ik geen valse aangifte tegen oud-minister Otmar Oduber heb gedaan”, zegt zij in haar reactie. Dat is Tromps conclusie uit het arrest; het Hof heeft niet afzonderlijk geoordeeld over de vraag of zij al dan niet een valse aangifte heeft gedaan.

De rol van Tromp vormt een belangrijk onderdeel van de voorgeschiedenis van Flamingo. Nadat zij begin 2020 Oduber opvolgde als minister van Ruimtelijke Ontwikkeling, Infrastructuur en Milieu, zei zij binnen onder meer de Directie Infrastructuur en Planning en afvalbedrijf Serlimar onregelmatigheden te hebben aangetroffen. Tijdens een Statenvergadering in juli van dat jaar bracht zij verschillende kwesties publiekelijk ter sprake. Zij zei toen dat eventuele onderzoeken niet zouden stoppen als zij als minister zou worden weggestuurd.

Later dat jaar bevestigde Tromp tegenover Caribisch Netwerk dat zij aangifte had gedaan van oplichting in verband met zogenoemde spookambtenaren die volgens haar op de loonlijst van haar ministerie stonden zonder daar daadwerkelijk te werken. Zij koppelde die aanstellingen aan haar voorganger Oduber.

Onderwerp van discussie

Ook tijdens de strafzaak bleef de herkomst van Tromps aangifte onderwerp van discussie. De verdediging van Oduber voerde in hoger beroep aan dat Tromp niet op eigen initiatief naar de Landsrecherche zou zijn gestapt, maar eerst was gewezen op haar wettelijke plicht mogelijke strafbare feiten te melden. De verdediging wees daarnaast op de politieke spanningen rond Tromp op het moment van haar aangifte en gebruikte dat als argument om de betrouwbaarheid en totstandkoming ervan ter discussie te stellen.

Tromp zelf legt nu juist de nadruk op het feit dat Oduber zowel in eerste aanleg als in hoger beroep is veroordeeld. Zij wijst erop dat eerst één rechter en vervolgens drie rechters tot een veroordeling kwamen, hoewel de bewezenverklaring en straf tussen beide procedures verschillen.

De politieke tegenstelling tussen Tromp en Oduber dateert uit 2020. Tromps eigen partij POR wilde dat zij als minister vertrok omdat de samenwerking volgens de partij was vastgelopen. Tegelijkertijd stelde Tromp dat juist haar optreden tegen vermeende onregelmatigheden bij onder meer DIP en Serlimar tot conflicten had geleid. Die twee lezingen stonden destijds lijnrecht tegenover elkaar.

Met het arrest van donderdag is de strafzaak nog niet definitief beëindigd. Oduber kan cassatie instellen. Daarbij beoordeelt de Hoge Raad niet opnieuw alle feiten, maar vooral of het recht en de procedure correct zijn toegepast.


207 keer gelezen

Deel dit artikel: