
ORANJESTAD - De afval- en afvalwaterproblematiek op Aruba sleept zich al decennia voort. Ondanks rechterlijke uitspraken, bestuurswisselingen en een nieuwe vergunningenprocedure blijft een structurele aanpak uit. In de volgende scherpe opiniebijdrage legt jurist Anouk Balentina bloot hoe bestuurlijke traagheid, juridische trucs en gebrek aan transparantie leiden tot vertraging, rechtsonzekerheid en schade aan de volksgezondheid. Met de vervuiling in Parkietenbos als brandpunt roept zij de nieuwe regering op tot daadkracht en helder beleid.
Door | Anouk Balentina
Arubanen – net als de inwoners van de andere (ei)landen binnen het Koninkrijk – lijken kampioen in het aannemen van een afwachtende houding. De onderliggende gedachte is vaak dat tijd de problemen vanzelf oplost. De praktijk blijkt echter weerbarstiger: vroeg of laat keert het probleem in verhevigde vorm terug.
Dat geldt ook voor de kwestie van afval- en afvalwaterverwerking. De laatste tijd is het opvallend stil rond dit dossier. Sinds het rioolslib van de defecte Bubali-rioolwaterzuiveringsinstallatie wordt verbrand in de afvalverbrandingsinstallatie in Parkietenbos, zijn beide dossiers onlosmakelijk met elkaar verweven geraakt.
Deze stilte lijkt samen te hangen met drie recente ontwikkelingen. Een uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie over de vergunning van de afvalverbrandingsinstallatie, de overdracht van de afvalwaterverwerking aan de private onderneming Aruba Wastewater Sustainable Solutions N.V. (AWSS), en de verkiezingen, waarna de verantwoordelijke bewindspersonen zijn vervangen.
Toch is het probleem verre van opgelost. De Arubaanse bevolking blijft in onzekerheid over de vraag of – en hoe – deze milieukwesties worden aangepakt. De ernst van de situatie werd recent nog onderstreept door een civiele rechter, die oordeelde dat de overheid al meer dan twintig jaar onrechtmatig handelt door structurele nalatigheid bij de verwerking van afvalwater. Ook de bestuursrechter stelde vast dat de bestaande hindervergunning voor de afvalverbrandingsinstallatie niet voldoet aan geldende milieunormen. Het Hof gaf de overheid tot medio juni de tijd om een nieuwe hindervergunning te verstrekken aan AWSS, dat nu verantwoordelijk is. De eerder door het Gerecht verleende tijdelijke toestemming geldt immers slechts tot 15 juni dit jaar.
Wat is er sindsdien gebeurd? Behalve een bericht van de Directie Wetgeving en Juridische Zaken dat de vergunningsaanvraag van AWSS ter inzage ligt en dat zienswijzen kunnen worden ingediend – waarop het bestuursorgaan overigens niet hoeft te reageren en waartegen geen bestuursrechtelijke rechtsmiddelen openstaan – blijft het oorverdovend stil. Het zou niet verbazen als, vlak voor het verstrijken van de deadline in juni, de vergunning alsnog wordt verleend, mogelijk zonder deugdelijk bekendmaking aan de bevolking.
Er bekruipt een gevoel van déjà vu. We lijken getuige van een herhaling van zetten. Als de vergunning wordt verleend maar niet voldoet aan de eisen van het Gerecht, kunnen belanghebbenden bezwaar indienen. In tegenstelling tot Curaçao en Sint-Maarten is in Aruba geen rechtstreeks beroep bij de rechter mogelijk. Hoe zal het bestuursorgaan reageren? Is de nieuwe minister – anders dan zijn voorganger – bereid om het bezwaar tijdig en inhoudelijk te behandelen? Of blijft een reactie uit, waardoor sprake is van een fictieve weigering die dan pas wél beroep bij de rechter mogelijk maakt?
Schimmenspel
Wat doet de rechter vervolgens? Geeft hij het bestuursorgaan opnieuw drie maanden om alsnog te reageren? En als ook die termijn verloopt zonder reactie, zal de procedure zich herhalen, met een afwijzende beschikking vlak voor de zitting, waardoor het beroep niet-ontvankelijk wordt verklaard?
Zo ontstaat een juridisch schimmenspel, waarin inhoudelijke toetsing voortdurend wordt uitgesteld. Het gevolg: maandenlange vertraging, terwijl de situatie in Parkietenbos ongewijzigd blijft. De omwonenden komen geen stap dichter bij hun recht op een gezond leefmilieu. Nog steeds is onduidelijk wat de gezondheidsrisico’s zijn van de dump en de verbrandingsactiviteiten in het gebied.
Met een nieuwe minister en een recente uitspraak van het Hof rijzen nieuwe vragen. Nu AWSS verantwoordelijk is, zal de overheid actiever en strikter handhaven? Of blijft sprake van een nauwe verwevenheid tussen overheid en uitvoerder, waarbij toezicht eerder symbolisch dan effectief is? Wat is het meerjarenbeleid van de nieuwe regering op het gebied van afval- en afvalwaterverwerking? Wordt het beleid van de vorige minister voortgezet, of kiest men een nieuwe koers?
De bevolking van Aruba heeft recht op duidelijkheid over de toekomst van haar leefomgeving. Het is aan de nieuwe regering om transparantie te bieden, beleid te formuleren en vooral: daadkrachtig op te treden.
Hoe dan ook, de strijd is nog lang niet gestreden.



























