
ORANJESTAD – De Arubaanse regering heeft de verlaging van de accijns op benzine en diesel, die consumenten al sinds mei vorig jaar in de pompprijs merken, nu formeel in de regelgeving vastgelegd. Het nieuwe landsbesluit werkt daarom terug tot 1 mei 2025. Voor automobilisten betekent het besluit geen nieuwe prijsverlaging en ook geen terugbetaling.
De accijnstarieven worden formeel verlaagd van 71,40 naar 61,40 florin voor benzine en van 43,20 naar 33,20 florin voor diesel. Omgerekend komt dat neer op een accijnsverlaging van tien cent per liter.
Maar die verlaging is niet nieuw. De regering kondigde op 30 april 2025 al aan dat de accijns op benzine en diesel vanaf 1 mei met tien cent per liter zou worden verlaagd. Tegelijk werden de maximumprijzen aan de pomp aangepast. Benzine werd toen 11,6 cent per liter goedkoper en diesel 11,5 cent.
De consument heeft het voordeel van de accijnsverlaging dus al sinds mei vorig jaar in de brandstofprijs verwerkt gekregen. Het besluit dat deze maand in het Afkondigingsblad verscheen, zorgt ervoor dat ook het formele accijnstarief aansluit bij die eerder ingevoerde verlaging.
Opvallend is dat die juridische vastlegging ruim een jaar op zich heeft laten wachten. Het landsbesluit werd op 6 augustus 2026 vastgesteld en op 14 augustus gepubliceerd. Daarin staat expliciet dat de wijziging terugwerkt tot en met 1 mei 2025.
De terugwerkende kracht betekent in dit geval dus niet dat automobilisten alsnog accijns over eerdere tankbeurten terugkrijgen. De lagere heffing werd volgens de prijsbekendmaking van de regering al vanaf 1 mei 2025 meegenomen in de officiële brandstofprijzen.
De regering zegt met de accijnsverlaging huishoudens en bedrijven, waaronder ondernemingen in de vervoerssector, meer financiële ruimte te willen geven. Daarnaast moet de maatregel bijdragen aan een lager algemeen prijsniveau.




























